Context

Wijken van Zuid
“Op zuid is het altijd mooi weer!” (Rien Vroegindeweij in OVT). In de ene wijk schijnt de zon echter wat vaker dan in de andere. De wijken waar Zuidzijde nu actief is zijn wijken waar de grootste zorgen naar uitgaan en die een steun in de rug goed kunnen gebruiken.

Hoewel problematisch hebben deze wijken elk een eigen identiteit. De wijk Feijenoord, met nog veel industrieel erfgoed langs de Maas, is anders van karakter dan Oud-Charlois met een intieme historische dorpskern. De Tarwewijk, omzoomd door -voorheen- chique lanen, verschilt van de Afrikaanderwijk waar vooral etagewoningen gebouwd werden. Naast in planning en bouw onderscheiden de wijken zich ook in sociaal en economisch opzicht, in samenstelling van de bevolking en in dynamiek. Vanwege haar inbedding is Zuidzijde thuis in wijk en buurt én zij neemt het locale serieus.

De gemeentelijke bezuinigingen hebben ertoe geleid dat professionele welzijnszorg werd ingeperkt en buurthuizen zich gedwongen zagen hun deuren te sluiten. Het lijkt erop dat de burger zich zelf moet zien te redden. Ten dele gebeurt dat ook maar burgers dienen in dat streven wel gestuurd te worden en wegwijs gemaakt. Generieke maatregelen gaan voorbij aan het inividuele en het bijzondere. De burger activeren en toerusten vereist met name in ‘stadsgebieden’ als Charlois en Feijenoord een kleinschalige en laagdrempelige aanpak, vertrouwen winnen en een lange adem.